ARCHITOUR  
Dimension 71 – februari 2024

Berlin Mahnmal

De stad Berlijn is doordrongen van haar recent verleden. De geschiedenis krijgt er een plaats om ervoor te zorgen dat die zich niet herhaalt.

Kogelinslagen in gevels, bovengrondse bunkers en hier en daar nog een stukje Berlijnse muur. In Berlijn vind je overal sporen terug van de Tweede Wereldoorlog en de naoorlogse opsplitsing van de stad. De Duitse overheid gaat op een omzichtige manier met het verleden om door sporen doelbewust zichtbaar te laten of te maken, als een gedenkplaats die aan iets herinnert waarvan we hopen dat het niet meer zal gebeuren. De Duitsers hebben er een woord voor: ‘Mahnmal’, in tegenstelling tot ‘Denkmal’, een monument dat bedoeld is om iets glorieus te herdenken.

Gedächtniskirche

Al tijdens de jaren vijftig werd met de Kaiser-Wilhelm-Gedächtniskirche een gedenkplek opgetrokken. De oorspronkelijke neoromaanse kerk uit het einde van de 19de eeuw raakte tijdens een bombardement in 1943 zwaar beschadigd. In 1957 won Egon Eiermann de wedstrijd voor de nieuwe kerk, met een ontwerp waarbij de ruïne volledig zou afgebroken worden. Hierop ontstond er een passioneel publiek debat. Uiteindelijk werd als compromis besloten om de ruïne als monument te behouden en zodanig te herstellen zodat ze niet zou instorten. Volgens de nieuwe plannen van Eiermann werden de torenrestanten omringd met aan de westkant een achthoekig schip en een rechthoekige foyer en aan de oostkant een zeshoekige klokkentoren (van 53,5 meter) en een rechthoekige kapel ten oosten. De kerk werd in 1961 ingewijd en valt op door haar glas-in-betonramen, in een overwegend blauwe kleur.

Toen de Berlijnse muur viel in 1989, werd Berlijn opnieuw de hoofdstad van het eengemaakte Duitsland. Berlijn zou ook het symbool worden van die heropstanding en van de manier waarop Duitsland haar eigen geschiedenis zou herinneren. Na de hereniging van Duitsland en Berlijn, wilden de Duitsers de wonden van de stad helen. Soms te snel misschien, het niemandsland rond Potsdammerplatz werd in een mum van tijd de grootste bouwwerf van Europa, waarmee misschien bepaalde kansen op stedenbouwkundig vlak werden verspeeld en tevens een laag van de geschiedenis.

Reichstag

De Reichstag is een beladen symbool omdat de brand die er woedde in 1933 door de nazi’s toegeschreven werd aan de Nederlandse communist Marinus van der Lubbe, en bijgevolg als voorwendsel gebruikt werd om de communisten te vervolgen en de Duitse Nazistaat uit te bouwen. De Reichstag bleef lang in beschadigde toestand, tot een gedeeltelijke herstelling in de jaren 60 en een totaalrenovatie in de jaren 90 door Foster and Partners. Net voor de start van die werken pakten Christo en Jeanne-Claude de Reichstag in. De koepel, ontworpen door Norman Foster, die bovenop de Reichstag verrees, staat door zijn glazen vorm en de spiraal vanaf waar je de werking van het eronder gelegen Bundestag kan gadeslaan, symbool voor de transparantie van het hedendaagse Duitse bestuur.

Holocaust

Twee belangrijke projecten nemen ook in het collectieve geheugen een belangrijke plaats in. Het eerste is het Joods Museum van Daniel Libeskind, een van zijn eerste en zonder twijfel ook beste ontwerpen. De deconstructivistische vormentaal, die hij eerder toepaste bij het Felix-Nussbaum-Haus, moet een gevoel van desoriëntatie teweegbrengen, als verbeelding van de holocaust. Voor het Joods Museum vertrok Libeskind van prominente Joodse en niet-Joodse Berlijners zoals Paul Celan, Max Liebermann, Heinrich von Kleist, Rahel Varnhagen en Friedrich Hegel die staan voor de verbindingen tussen de Joodse traditie en de Duitse cultuur van voor de Shoah. Libeskind zette hun adressen uit op een kaart en er ontstond een netwerk van lijnen waaruit hij de structuur van het gebouw en de ramen ontwikkelde. In het resulterende grondplan kan je een bliksemschicht of een gebroken Davidster zien. Doorheen het gebouw lopen grote vides waar je tijdens je museumbezoek op botst en waar je wel in kan kijken, maar niet kan binnengaan, behalve onderaan in de grootste, de ‘Memory Void’ waar je over de indrukwekkende installatie ‘Shalekhet’ (gevallen bladeren) van Menashe Kadishman kan stappen. In het ondergrondse deel, dat ook de verbinding met het oude, barokke museumgebouw maakt, verbeelden drie assen – de As van Ballingschap, de As van de Holocaust en de As van Continuïteit – drie historische ontwikkelingen van het Joodse leven in Duitsland. De As van Ballingschap leidt naar de Tuin van Ballingschap, die zich buiten het Libeskind-gebouw bevindt. Negenenveertig betonnen stelae staan in een vierkant van zeven bij zeven op een schuine ondergrond. De Russische olijfstruiken die boven op de gedenkstenen groeien zijn een symbool van hoop. Achtenveertig zijn gevuld met aarde uit Berlijn en de negenenveertigste, in het midden, met aarde uit Jeruzalem. De architectuur van het gebouw is overweldigend, en daardoor komt die van de tentoonstelling niet tot haar recht, alsof de gedateerde museumopstelling van een vorige plek is meegenomen.

De tweede belangrijke plek is het Holocaustmonument, officieel Denkmal für die ermordeten Juden Europas, vlakbij de Brandenburger Tor. Het Monument voor de Joden, is een golvend tapijt waar volgens een grid 2711 blokken van 2,38 m op 0,95 m en variërende hoogtes zijn geplaatst. Het is misschien niet zo duizelingwekkend als de Tuin der Ballingschap in het Joods Museum, maar door de schaal bijzonder indrukwekkend. De tentoonstellingsarchitectuur in het eronder gelegen museum sluit er trouwens wel perfect aan bij die van het monument. De blokken lijken door het plafond te priemen en structureren de tentoonstelling die sober maar overweldigend is. Wanneer je het Holocaustmonument bezoekt, steek dan ook even de straat over naar het park aan de overzijde. Je stoot er op een wat scheefgezakte blok met een kleine video. Dit ‘Denkmal für die im Nationalsozialismus verfolgten Homosexuellen’ is een ontwerp van het kunstenaarsduo Elmgreen en Dragset.

Bovengrondse bunkers

De nazi’s bouwden immense bovengrondse bunkers die na de Tweede Wereldoorlog niet afgebroken konden worden. De bunker waar nu de Boroscollectie zich bevindt diende in de jaren 90 even voor rave party’s. Nu heeft de collectie van Christian Boros er een plek gekregen. Hij liet een penthouse boven op de bunker optrekken en de architecten van Real Architektur hieuwen ook betonnen muren en plafonds uit de bunker om meer ruimte te maken voor de kunstcollectie die bezocht kan worden. Jaren later kreeg John Pawson de opdracht om een bunker aan Hallesches Ufer aan te pakken om de Feuerle Collection onderdak te bieden, waar keizerlijk Chinese meubels en Zuidoost-Aziatische kunst gecombineerd worden met hedendaagse kunstenaars.

Berlijnse muur

Wanneer je meer te weten wilt komen over de Berlijnse Muur, sla je beter de East Side Gallery over en begeef je je naar de Bernauer straβe. Aan het begin van de straat wordt de Berlijnse muur – vaak niet één muur maar enkele opeenvolgende muren – geëvoceerd in cortenstaal. Iets verderop is een segment waarheidsgetrouw gereconstrueerd, met verschillende opeenvolgende muren, tussenzones en een wachttoren – vanuit het bezoekerscentrum aan de overzijde van de straat kan je het geheel overschouwen. Als je nog verder gaat, kom je voorbij de Kapel der Verzoening, een ontwerp van de Berlijnse architecten Rudolf Reitermann en Peter Sassenroth, opgetrokken in hout en aangedamde aarde, samen met Martin Rauch. Ze vervangt een neogotische kerk die door de verschillende lagen van de Berlijnse muur in een niemandsland was terechtgekomen en uiteindelijk werd opgeblazen in 1985.

Stadtschloss

Dat niet elk project in Berlijn op een even fijnzinnige wijze het verleden evoceert is te zien aan de saga rond het Stadtschloss. Het oorspronkelijk Stadtschloss op het Spree-eiland in het centrum van Berlijn was ooit de residentie van de koning van Pruisen en de Duitse keizer. Het barokke stadspaleis brandde in 1945 grotendeels af. In 1950 werd het op bevel van de partijvoorzitter van de DDR opgeblazen. Op die plaats werd het Palast der Republik gebouwd, waar de ‘Volkskammer’ zetelde. Na de Duitse hereniging werd besloten om het gebouw af te breken en het Stadtschloss herop te bouwen, ondanks protesten en de historische significantie van het Palast der Republik. Ondertussen is de nieuwe versie van het Stadtschloss gerealiseerd. Enkel drie gevels zijn een interpretatie van het oorspronkelijk ontwerp, het achterliggende gebouw, de vierde gevel en de invulling wijken er helemaal vanaf waardoor het statuut van het gebouw onduidelijk wordt.

Neues Museum

Vlakbij, op het Museuminsel, staat nochtans een van de interessantste voorbeelden van het omgaan met erfgoed. In 1997 won David Chipperfield Architects de wedstrijd voor de renovatie van het Neues Museum. Het oorspronkelijke gebouw uit halfweg de 19de eeuw werd tijdens de Tweede Wereldoorlog zwaar beschadigd, waarna het decennialang als een ruïne erbij lag. Chipperfield koos niet voor een historische restauratie, maar herinterpreteerde verdwenen delen zoals de grote trappenhal of koepels. Kogelinslagen bleven zichtbaar net als de patine van aangetaste plafonds of vloeren. Desalniettemin is het een heel aangenaam museum geworden, waarbij de geschiedenis steeds merkbaar aanwezig is, als een constante herinnering aan wat niet meer mag gebeuren, net als in de stad Berlijn zelf.

Door Arnaud Tandt

Foto’s Arnaud Tandt