PEOPLE & PROJECT  
Dimension 52 – april 2019

Interbellum-architectuur aan het Antwerpse Albertpark

‘Résidence Prince Albert’ aan het Albertpark in Antwerpen, een ontwerp uit 1936, geldt als één van de befaamdste opdrachten van architect Nachman Kaplansky. Het bouwwerk is opgetrokken in een ware Interbellum-stijl, een combinatie van modernisme, Bauhaus en ArtDeco, typerend voor zijn oeuvre.

Aan de straatkant valt het appartementsgebouw op door de horizontale stalen raampartijen die onderbroken worden door halfronde erkers en terrassen. Deze knipoog naar de pakketbootstijl is dan ook een toonbeeld van modernisme, de favoriete stijlperiode van interieurarchitect Marc Lauwers. Samen met zijn echtgenote Marie-Anne runt hij sinds 1990 een studiebureau annex interieurzaak in Antwerpen, die als ‘een living gallery’ zijn opgevat. Zijn stijl als interieurarchitect is niet getypeerd. Hij gaat steeds aan de slag, zich baserend op de stijlperiode van het gebouw, waarbij het interieur een verlengstuk wordt van de architectuur, een ware “interieur-architectuur”.

Coup de foudre

“Wij kochten het appartement uit de erfenis van de vorige eigenares, die het als eerste bewoonster 65 jaar lang heeft gekoesterd, waardoor nog talrijke originele elementen aanwezig waren”, aldus Lauwers. De coup de foudre was er meteen: de zeer ruime gelijkvloerse inkomhal met doorkijk naar de tuin is er één die men vandaag nog zelden tegenkomt in een appartementsgebouw. De restauratie en renovatie van dit bijzondere appartement is dan ook een persoonlijk eerbetoon aan het modernisme en aan Nachman Kaplansky. De meeste informatie vond Marc Lauwers in de ruime documentatie die hij bezit over Interbellum-architectuur in Europa, tevens in de archieven van de Stad Antwerpen en Onroerend Erfgoed Vlaanderen.

Originele lichtschakelaars van Berker

Dit restauratieproject is het werk van het echtpaar Lauwers en manifesteert zich tot in de kleinste details. ‘We zijn inderdaad heel ver gegaan, het was echt onze bedoeling om dit meesterwerk in al zijn grandeur te herstellen’, aldus de bewoners die nieuwe en oude materialen ver over de grens gingen zoeken. Zo vonden zij de originele keukenkraan die hoort bij de Crosley-keuken in de VS, de lichtschakelaars van Berker uit Duits Rosenthal porselein en de mozaïek in de douche uit Italiaanse pâte de verre. De eetkamerstoelen zijn bekleed in originele ArtDeco-stof en het kussen op de zitbank in de hal werd gestoffeerd met een origineel document afkomstig uit de helaas verdwenen cruiser ‘Le Normandie’.

Bleu ciel

De volledig intacte Winckelmans tegelvloeren in geometrisch patroon, de geglazuurde wandtegels met fijn facet en de visgraat-parketten in woonkamer en slaapkamers werden met zorg gerestaureerd. De keuken, volledig in plaatstaal van het merk Crosley, werd gedemonteerd en herlakt in hoogglanslak, in “bleu ciel” van Le Corbusier, voor wie Kaplansky een grote bewondering had. Terwijl een groot deel van de ruimtes in het modernisme baden, zijn master-bedroom annex badkamer en de ruime eetkamer in eerder Parijse Art Deco-stijl ingericht, met meer zin voor decoratie en luxe-materialen, zoals Kaplansky het bedoelde, met perfecte balans tussen de beide stijlen uit de jaren’30, enerzijds ArtDeco en anderzijds modernisme en Bauhaus.

www.marclauwers.be

www.hager.be