PEOPLE & PROJECT
Dimension 45 – september 2017
De vele levens van Kapel De Waterhond

Vier gestapelde dozen, los van de bestaande structuur van de te renoveren kapel, maar er toch mee verbonden.

Op de eerste verdieping is het architectenatelier gevestigd.

De eenvoudige en strakke materialen doen geen afbreuk aan de puurheid van het origineel.
PreviousNextNa bijna vijftig jaar leegstand kocht architect Gregory Nijs van Klaarchitectuur ‘Kapel De Waterhond’ in Sint-Truiden, met de bedoeling er zijn kantoor in onder te brengen. Zijn ontwerp voorzag in vier gestapelde dozen, los van de bestaande structuur van de te renoveren kapel, maar er toch mee verbonden.
Het pand in de Breendonckstraat in het centrum van Sint-Truiden kent een rijke geschiedenis. Op het kadasterplan van 1825 is het gebouw reeds herkenbaar. In 1827 werd het tot kapel gewijd, en in 1915 omgevormd en uitgebreid tot een kunstschool. Een oude natuurstenen boord, wellicht gerecupereerd uit de oude kapel, verwijst naar het jaartal 1656. In 1947 werd het gebouw opnieuw herbestemd toen de diensten van het vredegerecht er hun intrek namen. Vervolgens kreeg De Waterhond in 1967 weer een andere functie toen er een academie voor beeldende kunsten werd in ondergebracht. Vanaf 1969 zou het gebouw voor bijna vijftig jaar leeg staan.
Visuele déclic
In 2013 kocht de architect het pand. “Onze aandacht ging in eerste instantie naar het voorlopig herstellen van het dak. Toegevoegde elementen, zoals tussenmuren, werden verwijderd om de ruimte in zijn grootsheid te herstellen”, aldus Gregory Nijs. Als architect je eigen woning en/of kantoor ontwerpen, is niet evident. Een aantal eigen ontwerpen gaf de architecten geen echte voldoening. Tot de visuele déclic er kwam en een complete out-of-the-box benadering volgde. “Door totaal los van – maar met respect voor – de bestaande structuur te werken, konden we een totaal nieuw volume maken dat ook op technisch en energetisch vlak afzonderlijk kan functioneren”, aldus Nijs.
Vier geschrankt gestapelde volumes
Het definitieve ontwerp voorzag in vier gestapelde dozen – vier bij acht meter groot -, los van de bestaande structuur. Op het gelijkvloers werden het sanitair en de technische ruimte ondergebracht. Op de eerste verdieping is het architectenatelier gevestigd. Op de tweede verdieping zijn er privékantoren, en nog een etage hoger is er een vergaderruimte. “Door de geschrankte stapeling van de volumes werden ook buitenruimten gecreëerd en moest niet aan de authentieke spantconstructie van de kapel worden geraakt. De enige doorbreking van de bestaande constructie is gemaakt met de hoogste doos. Deze kraagt vier meter uit over de rand van het hoofdvolume. De plaatsing van deze doos binnen in het gebouw creëert een soort terras met een mooi uitzicht op de binnenruimte van de kapel”, aldus Nijs. De vakkundig gestileerde metalen trappen loodsen de gebruikers langs en door de volumes, wat een verrassende wandeling met telkens andere zichtlijnen en perspectieven oplevert. De dozen vormen een stalen skelet waartussen thermische en akoestische isolatie en alle technische leidingen geplaatst werden. De binnen- en de buitenzijde van de wanden werden, net als de plafonds, afgewerkt met gipsplaten van Gyproc. De vloer uit blauwe steen uit de oude kapel werd gerecupereerd voor de grote ruimte. Nieuwe stukken vloer werden uitgevoerd in hout.
Door Philip Declercq
Foto’s: Toon Grobet – Lumecore – en Marc Scheepers
www.gyproc.be